Samenvatting
| Archiefnummer: |
Jurisprudentie @ctueel 2012-364 |
| |
|
| Instantie: |
HR 13 juli 2012, BW7477, 12/00628 |
| Onderwerp: |
Faillissement |
| Artikelen: |
Art. 81 RO |
| |
|
| Casus: |
Verweerder c.s. hebben de rechtbank verzocht om faillietverklaring van VHCT nu zij vorderingen van verweerder c.s. onbetaald laat. De rechtbank heeft het verzoek bij beschikking afgewezen. Zij is tot dit oordeel gekomen omdat het faillissement van VHCT, die volgens opgaaf van het handelsregister ontbonden is en waarvan de registratie beëindigd is in verband met einde van de liquidatie, alleen kan worden uitgesproken als blijkt dat er nog baten aanwezig zijn. Verweerder c.s. zijn van deze beschikking in hoger beroep gekomen bij het hof. Bij arrest heeft het hof de beschikking van de rechtbank vernietigd en ten aanzien van VHCT alsnog het faillissement uitgesproken. |
| |
|
| Rechtsvraag: |
Heeft het hof nagelaten te onderzoeken of VHCT rechtsgeldig was vertegenwoordigd? |
| |
|
| Beslissing: |
De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling. |
| |
|
| Opties: |
|
|
|
|
|