Samenvatting
| Archiefnummer: |
Jurisprudentie @ctueel 2010-311 |
| |
|
| Instantie: |
HR 9 juli 2010, BM5704, 09/00184 |
| Onderwerp: |
Verbintenissenrecht. Verjaring |
| Artikelen: |
Art. 81 RO |
| |
|
| Casus: |
Verweerster in cassatie, hierna: verweerster, heeft in opdracht en voor rekening van eiseres tot cassatie, hierna: eiseres, werkzaamheden verricht in verband met een boedelscheidingsprocedure na samenwoning. In verband met de door haar verrichte werkzaamheden heeft verweerster drie declaraties aan eiseres verzonden. De tweede declaratie d.d. 8 januari 1999 ad f 4.613,13 (Euro 2.093,35) en de derde declaratie d.d. 9 november 1999 ad f 7.180,43 (Euro 3.258,33) heeft eiseres onbetaald gelaten. Bij brief van 21 december 1999 heeft verweerster aanspraak gemaakt op betaling van het totaalbedrag van de nog openstaande facturen, namelijk f 11.793,56 (Euro 5.351,68). Bij brief van 14 februari 2000 heeft verweerster in reactie op een brief van 8 februari 2000 van [eiseres] aan eiseres een urenspecificatie toegezonden en deze toegelicht. Bij exploot van 23 augustus 2005 heeft verweerster eiseres gedagvaard voor de rechtbank Breda tot betaling van het nog openstaande bedrag van Euro 5.351,68, vermeerderd met rente en kosten. Volgens de rechtbank heeft verweerster weliswaar bewezen dat de brief aangetekend en naar het juiste adres is verzonden, maar niet aannemelijk gemaakt dat de brief tijdig correct aan eiseres is aangeboden, zodat verweerster in haar bewijsopdracht niet is geslaagd. De rechtbank heeft de vordering van verweerster daarom afgewezen. In hoger beroep heeft het hof bijgevolg het eindvonnis van de rechtbank vernietigd en, opnieuw recht doende, de vordering van verweerster alsnog toegewezen. Eiseres is tegen het arrest van het hof (tijdig) in cassatie gekomen. |
| |
|
| Rechtsvraag: |
Het gaat in cassatie om de vraag of is aangetoond dat de verjaring is gestuit door middel van een aanmaningsbrief. |
| |
|
| Beslissing: |
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling. |
| |
|
| Opties: |
|
|
|
|
|